februari 7, 2010
Gelukkig kon ik ook een paar dagen genieten van de glitter en glamour van het festival. Het was leuk. Alle elementen voor eengoed festival waren aanwezig, een over het paard getild jurylid die niet herkend wilde worden en daarom overal en altijd rondliep met zonnebril en zich naar de bioscoop aan de overkant van de straat liet rijden in auto zijn accessoire-vriendje en stoorzender achter zich aan slepend, goede feesten, lekker eten, mooi weer en natuurlijk heel veel films in allerlei soorten en maten.
Adriaan heeft een eremedaille van Clermont-Ferrand gescoord en is door allerhande media geïnterviewd, wat dan vervolgens al dan niet is gepubliceerd.

en nog een feestje

Adriaan bedankt voor de medaille


interview voor de radio

jury overleg

het leger was in zijn eigen filmpje aan het spelen en jonge jongetjes aan het lokken in de stad
januari 30, 2010
Vandaag was zo’n dag dat ik dacht ‘en wat was hier ook alweer leuk aan?’ Adriaan is leuk op het filmfestival in Clermont Ferrand aan het jureren en holt van film naar receptie via lekker dinertje en ik zit weer eens semi-ingesneeuwd, ik kom wel heen maar bijna niet meer terug. Daardoor werd mij een leuke avond bij Frans en Desiree door de neus geboord want om nou ’s avonds in je eentje op een donker bospad te stranden…
De dag begon best goed, de belofte van zon tussen de buien door en de kachel deed het nog toen ik opstond, dus het was nog redelijk warm in huis. Ik was lekker met Zara in het bos toen de rust ruw werd verstoord door een kudde jagers die links en rechts langs mij heen scheurde. Ik kon Zara nog net bij haar kladden pakken om te voorkomen dat ze de jacht op de jagers inzette.
Ik moest even naar de mairie om te vragen wanneer France Telecom de telefoonlijn zou komen ophangen die door een omgevallen boom was afgeknapt. Door de sporen die de jagers hadden getrokken in de sneeuw was het spekglad geworden en was het een heel gemanoeuvreer om beneden te komen.
Bij de mairie zeiden ze dat ik zelf France Telecom had moeten bellen. Ik sputterde nog wat dat een boom die niet van mij was en op de openbare weg was omgevallen toch niet mijn verantwoordelijkheid was en dat ze toen het gebeurde toch echt iets anders hadden gezegd, maar stuitte al gauw op een wazige blik. Behoorlijk chagrijnig ging ik de weg maar weer op, op de hielen gezeten door de te grote SUV’ s van de Vichysois die vandaag de berg opscheurden om in La Loge des Gardes te gaan skiën.
Maar wat vond ik in de brievenbus? Een bewijsnummer van de nieuwe Flair waar La Grande Serve in bleek te staan! Zonder dat we erom gevraagd hadden sterker, zonder dat we er iets vanaf wisten. Met een mooie foto die ze blijkbaar ergens vandaan hebben geplukt.
Toen ik thuiskwam was de kachel uit, maar dat gaf ineens toch een stuk minder.
januari 27, 2010
De kou is weer terug, ik loop weer ouderwets te slepen met mijn emmertjes water voor de dieren. Het was ook te mooi om waar te zijn, rokjesdag in januari.
Vorige week zaterdag was de jaarvergadering van de 4 saisons, de dorpsvereniging, die meer en meer een bejaardenvereniging wordt. De jongeren, voor zover aanwezig, haken af door het totalitaire regime van voorzitster Hélène die alle nieuwe initiatieven welwillend glimlachend aanhoort om ze daarna zonder pardon af te serveren. Ook ik had weinig zin om nog lid te blijven maar in een vlaag van hernieuwde dorpsliefde, besloot ik toch maar weer te gaan.
Zo’n vergadering heeft een vast ritme: de voorzitster vertelt wat de vereniging allemaal heeft ondernomen het afgelopen jaar, de penningmeesteres vertelt wat dat allemaal heeft gekost, het bestuur wordt voorgesteld en daarna eten we la Galette des Rois, een heerlijke taart van bladerdeeg met notenvulling die hier traditiegetrouw om en nabij Driekoningen gegeten wordt. Het laatste onderdeel is de reden waarom de leden komen want iedereen gaat altijd overal mee naartoe dus ze weten al waar ze zijn geweest, wat dat kost zal ze een worst wezen en de bestuursleden kennen ze hun hele leven al. In de taart zit een “fève” (tuinboon) die inmiddels is vervangen door een plastic dingetje. Wie de fève vindt, is de koning. Zaak is om de feve ongezien weg te moffelen anders zit je de hele verdere middag met een kartonnen kroontje op je hoofd.
De vergadering leek een scène uit een Louis de Funès film. Het was nogal glad die dag en daardoor zaten er maar 20 leden op de ijskoude plastic stoeltjes die in rijen dik in vergaderstijl waren opgesteld. Er was bijna meer bestuur dan leden en dat had een nogal komisch effect. Lucien, de man van Hélène, had voor de gelegenheid een volstrekt overbodige geluidsinstallatie geregeld, die ook nog eens veel te hard stond. De toespraak van Hélène viel volledig weg door het piepen van de microfoon wat tot grote consternatie leidde. Alle mannen moesten zich ermee gaan bemoeien -inmiddels heb ik geleerd mij niet meer te bemoeien met “echte-mannenzaken” als techniek- en na een boel gedoe kon de vergadering worden voortgezet. Het snoertje van de installatie was nogal kort en het hing daardoor net voor de gezichten van de bestuursleden. Toen de microfoon aan de volgende spreker werd overhandigd, bleef het snoertje precies onder de neus van een bestuurslid hangen, waarna de spreker door een venijnige ruk aan de microfoon bijna zijn nogal uit de kluiten gewassen neus meenam. Weer consternatie alom, nu onder de de vrouwelijke aanwezigen, die met koud gemaakte lapjes en goede raad de schade probeerden te herstellen. Daarna werd maar besloten om de installatie aan de kant te schuiven en over te gaan tot het hoogtepunt, het eten van de taart.
januari 24, 2010
Eergisteren was de eerste rokjesdag. Met panty weliswaar, maar toch. Niets zo lekker als voor de eerste keer zonder jas buiten koffie drinken. Het voorjaarsgevoel speelt terstond op. Gelukkig stonden er nog steeds winterviolen te wachten om in bakken te worden gezet, anders had ik mij misschien wel niet kunnen inhouden en was ik vroegtijdige dingen gaan doen in de moestuin.
En ik kon een uitermate smerige stoel buiten demonteren wat erg fijn was want ik en de tuintafel waren daarna helemaal zwart. De stoel moet worden gerenoveerd en komt in Paris te staan.
De ezels stonden tevreden te grazen op het weiland van de buren, de poezen lagen te spinnen in het zonnetje en de kippen legden een ei. Het was 2 dagen voorjaar en nu kunnen we de rest van de winter weer aan.
Vanavond gaat het sneeuwen en het is alweer koud.
januari 21, 2010
Dinsdag werd Adriaan 50 en dat hebben we gevierd in de grote stad. Als een echt boertje van buut’n moest ik na aankomst even op een bankje zitten om te bekomen van zoveel mensen en zoveel geluid. Maar het wende snel, mede door de leuke hotelkamer in Sublim Eiffel waar de architect vooral met licht had gespeeld: naar keuze rood of blauw waardoor je er ineens een stuk kekker uitziet .
Alle grote musea bleken dicht op dinsdag. Bij het Louvre stond zelfs een jongen de hele dag, en het was echt heel koud, naast een bord waar het ook al in 5 talen opstand, de mensen dat te bevestigen. Alle andere tentoonstellingen waar we heen zouden willen waren of niet meer of nog niet. Dus nu moesten we, hè vervelend, ons overgeven aan hedonistisch shoppen.
En we zijn naar Avatar geweest, de 1e lange 3D film. Dat was eigenlijk werk want Chase, Adriaans nieuwe film wordt ook in 3D gemaakt. Gelukkig konden we een bioscoop vinden (Gaumont bij de Tour Montparnasse) waar ze de originele versie draaiden. Het verhaal was flut maar we kwamen er allebei met rode ogen uit door het visuele spektakel.
Jarige Job


we konden wel de eiffeltoren zien vanuit de kamer. En principe.
januari 10, 2010

de kas in wording
‘Wij kunnen nu echt niet meer weg’, zei Adriaan vanochtend vergenoegd. Adriaan vindt het heerlijk, hoe meer winter hoe beter. Ik ben meer van het groen. Een weekje sneeuw is leuk, 2 weken wordt saai en bij 3 ga ik dromen van voorjaar, ontluikende bloemen en malsgroen gras.
Tijd om plannen te maken voor de moestuin. De moestuin is een soort dagje naar het strand. Dat lijkt leuk maar valt altijd tegen: je wordt misselijk van de zon, je moet plassen, er zijn kwallen, je bent je zonnebril vergeten en kan je niet concentreren op je boek. Toch droom ik ieder jaar weer in het voorjaar van een dagje naar het strand.
Met de moestuin gaat dat net zo. Iedere winter ben ik weer vergeten hoe ik rood aangelopen en met zere rug, onder de bulten van weet ik veel wat voor insecten die niet alleen mij maar ook mijn onbespoten groenten aanvallen, tierend en vloekend onder het onkruid sta te zoeken naar die ene bijzondere variant van een courgette die, in tegenstelling tot wat de catalogus beloofde, gewoon groen en langwerpig blijkt te zijn geworden en ik dus net zo goed onbespoten bij Vianney en Caroline had kunnen kopen zonder bulten, spit en verbrande huid.
Opgestookt door tuinbladen waarin blozende frisse, niet zwetende, lachende, fitte tuinierders tussen hun fris uitziende, bijzondere, liefst uit een verweggistan geïmporteerde beestjesvrije plantweelde staan, verhalend hoe rustig zij zijn geworden van al dat Zentuinieren, denk ik ‘en dit jaar wordt het anders’ en bestel ik weer voor een vermogen aan zaadjes uit de verlokkelijke catalogi die met stapels tegelijk in de bus vallen.
Toch is er sprake van een langzame kentering. Dit jaar heb ik tot nog toe moedig stand gehouden en nog niets besteld. En ik heb hulp. Ik weet niet meer precies hoe het is gekomen maar vorig jaar begaf Adriaan zich ineens met tuingereedschap richting moestuin en ging onkruid wieden. En hij bleek wel de Zenstaat te bereiken die mij steeds wordt beloofd. Voor het eerst zag ik fotogenieke rijen tomatenplanten met schitterende rode bolletjes eraan zomaar staan en kon ik ze plukken zonder eerst door een woud van onkruid te moeten ploegen.
Ook kreeg ik voor mijn verjaardag een kas: 28 m2 plastic tunnel waarin ik al in februari de eerste sla kan gaan zaaien en deze zomer de eerste aubergines worden geoogst. Want dat is steeds mijn dilemma: de drukste tijd in de moestuin, wieden, zaaien en verplanten, valt samen met de tijd waarin wij het meeste verf- en onderhoudswerk moeten doen. Er zijn een boel tuinierswijsheden en vele daarvan komen neer op ‘1 dag in het voorjaar niet gewied, de hele zomer verdriet’. Et voilà, mijn probleem in 1 zin. Nu met de kas wordt alles anders want kan ik voor het mooie weer beginnen en loop ik voor het eerst voor de feiten (=het onkruid) uit. Hoop ik.
januari 6, 2010
Normaliter zie je hier in de winter niet veel vogeltjes in de tuin maar deze winter is er voortdurende bijeenkomst van roodborstjes, koolmeesjes en ander klein grut. Omdat wij nogal wat oliebollen overhadden, dacht ik een goede daad te doen en heb ik ze voor hen aan een ketting geregen. Dat was minder makkelijk dan ik gedacht had want een oliebol is vet, rond en na 3 dagen ook stug als rubber, dus er vloog er nogal eens een door de kamer. Daarmee scoorde ik wel punten bij Zara want volgens haar had ik in lange tijd niet zo’n leuk spelletje bedacht.
Na een uur bungelden 6 oliebollen aan een touwtje aan de waslijn. Ik weet niet of de Franse vogel culinair meer ontwikkeld is dan de Nederlandse, of dat ze gewoon niet vreten wat de boerenvogel niet kent, maar alle moeite is voor niets geweest. Ze vliegen er in een grote boog omheen. Zara vindt dat helemaal niet erg. Als ze een beetje haar best doet met springen kan ze er net bij.
De franse vogel blieft ook geen brood, zelfs geen kerstbrood, en de vetbollen uit de winkel vinden ze ook al niet interessant. Ze willen beukennootjes, liefst met veel moeite onder de sneeuwlaag opgegraven.
januari 6, 2010




Sinds wij Zara hebben wil Max niet meer in het huis. Ze heeft nu een centimeters dikke wintervacht